PVV-minister Faber wilde in 2024 het noodrecht invoeren voor het "strengste asielbeleid ooit", maar maakte zich volgens ambtenaren schuldig aan "stemmingmakerij" en het "graaien naar argumenten" om een dragende motivering te vinden. Dat blijkt uit stukken die Nieuwsuur op basis van de Wet open overheid (Woo) heeft opgevraagd. Ambtenaren bleven negatief adviseren over de inzet van het noodrecht, omdat de door Faber gevonden motivering "niet-toereikend" was en zeer waarschijnlijk zou sneuvelen in de Kamer of voor de rechter. Toch hield de minister in het najaar van 2024 steeds vol dat de dragende motivering klaar of bijna klaar was. Coalitieafspraken In het coalitieakkoord van PVV, NSC, VVD en BBB was afgesproken om het asielnoodrecht in te zetten. Hiermee kon de Tweede Kamer tijdelijk buitenspel worden gezet. Wel moest dit 'dragend gemotiveerd' worden. En over die twee woorden ontstond een politieke strijd tussen PVV-minister Faber en NSC, waarbij Faber bleef volhouden dat de dragende motivering geen probleem was. Maar al vrij snel na haar aantreden waarschuwden ambtenaren Faber dat het niet gemakkelijk zou zijn om het noodrecht in te zetten omdat "twijfelachtig is of er wel sprake is van buitengewone omstandigheden". Asielcrisis Toch blijft het kabinet inzetten op het noodrecht. Ook premier Schoof verdedigt dit in september 2024 door te zeggen dat mensen een asielcrisis ervaren. Ambtenaren van Justitie schrijven over deze redenering: "De regering moet zich niet beroepen op onrustgevoelens maar op harde feiten." Toch gaat Faber voluit door, ook na het roerige Kamerdebat waarin NSC-fractievoorzitter van Vroonhoven zegt dat ze niet verwacht dat het noodrecht er komt. In de Woo-stukken staat dat Faber de motivatie zoekt in de problemen in de asielketen, maar ook in de algehele situatie in het land. Het lerarentekort, woningentekort, cellentekort, stijging van de zorgkosten: van alles wordt erbij gehaald om de inzet van het noodrecht te motiveren. Haar ambtenaren proberen de onderbouwing van deze motivatie bij te sturen. Zo staat in eerste instantie in een conceptstuk: "Als gevolg van ongecontroleerde asielstroom worden steeds vaker willekeurige Nederlanders slachtoffer van willekeurig geweld door al dan niet verwarde asielzoekers." Ambtenaren schrijven dat dat eruit moet omdat dat "feitelijk niet kan worden onderbouwd". De ministeries van Binnenlandse Zaken en Justitie moeten de wet ook beoordelen op rechtsstatelijkheid en wetskwaliteit. Beide oordelen zijn volgens de stukken negatief. Criminaliteitscijfers In de motivatie van Faber staat dat "CBS-cijfers laten zien dat 67,8 procent van de gedetineerden in 2022 een migratieachtergrond had". Hoewel erbij staat dat dit niet uitsluitend asielzoekers zijn, reageren ambtenaren van Justitie fel. Ambtenaren noemen het "stemmingmakerij" en vinden de categorisering 'mensen met een migratieachtergrond' ongepast, omdat dit gaat over alle personen van wie tenminste één ouder in het buitenland is geboren. "Dus bijvoorbeeld ook de leden van ons Koningshuis. Met immigratie en zeker asielmigratie heeft dat weinig te doen". Eind september concluderen de ambtenaren van het ministerie van Asiel dat ondanks alle verzamelde informatie en argumenten de motivering van Faber niet toereikend is. Bovendien verwachten ze niet dat de aangekondigde maatregelen op korte termijn zullen helpen, waardoor er geen grond is voor het noodrecht. De ambtenaren benadrukken dat ze dit verschillende malen met de minister hebben besproken. Ze proberen de minister nogmaals te overtuigen om in te zetten op spoedwetgeving, die wel door het parlement moet worden goedgekeurd. Asielnoodmaatregelenwet Faber blijft ondertussen in debatten en interviews volhouden dat de dragende motivering bijna rond is. 11 oktober herhalen de ambtenaren nogmaals in een nota aan de minister dat zij de onderbouwing niet toereikend achten. Ook premier Schoof blijft tot op het laatst volhouden dat er nog gewerkt wordt aan de dragende motivering. Op 21 oktober zegt hij nog in de persconferentie dat de noodwet nog steeds op tafel ligt. Maar de week erop spreken de coalitiepartijen af niet een noodwet, maar een spoedwet in te dienen. Dat werd de asielnoodmaatregelenwet, die een paar weken geleden werd weggestemd in de Eerste Kamer. Verantwoording Nieuwsuur vroeg op 24 oktober 2024 op basis van de Wet open overheid (Woo) informatie op bij het ministerie van Asiel en Migratie over de (concepten) van de dragende motivering voor een nood- en/of crisiswet asiel. Dit was vlak nadat het kabinet had besloten niet meer in te zetten op het noodrecht. Deze stukken hadden veel eerder verstrekt moeten worden. In 2025 stapte Nieuwsuur daarom naar de rechter die het ministerie een dwangsom van 15.000 euro oplegde. Toch zijn ze nu pas openbaar gemaakt.