Morgen wordt Hugo de Jonge verhoord door de parlementaire enquêtecommissie corona. De Jonge, destijds minister van Volksgezondheid (VWS), schortte tijdens de coronaperiode de Wet Open Overheid op, waardoor veel overheidsinformatie geheim bleef. Pas na een rechtszaak kwamen meer stukken vrij. De documenten roepen een aantal belangrijke vragen op, die de onderzoeksredactie van Nieuwsuur op een rij zet. 1. Waarom stond het ministerie toe dat verpleeghuisbewoners niet meer naar buiten mochten? De Jonge kondigde in maart 2020 een bezoekverbod aan verpleeghuizen aan. Wettelijk werd dat geregeld via een zogeheten 'noodverordening'. Maar in de praktijk ontstond er ook nog een ander verbod, dat volgens juristen ingrijpender was: verpleeghuisbewoners mochten niet meer naar buiten. Dit 'uitgaansverbod' werd gecommuniceerd via instructies van Actiz, de branchevereniging voor de ouderenzorg. Uit vrijgegeven stukken blijkt dat het ministerie van Volksgezondheid bij het opstellen betrokken was. Ambtenaren constateerden dat het verbod om naar buiten te gaan "juridisch niet helemaal" klopte. Toch gaven ze groen licht. De instructies bleven ruim twee maanden van kracht en werden door verschillende verpleeghuizen gevolgd. Recent erkende het ministerie geen "aanvullende documenten" te kunnen vinden waaruit de wettelijke basis voor het uitgaansverbod blijkt. 2. Waarom schreven ambtenaren mee aan wetenschappelijke adviezen? Ambtenaren van VWS pasten ook verschillende wetenschappelijke teksten aan. Na journalistieke publicaties en druk van de Tweede Kamer gaf het ministerie in 2022 414 pagina's vrij met "tekstsuggesties" die ambtenaren hadden gedaan bij adviezen van het Outbreak Management Team (OMT). Het ging om kleine, op het oog subtiele toevoegingen, maar soms met grote implicaties. Het meest bekende voorbeeld is een zin, opgesteld door een ambtenaar, die het dragen van mondmaskers in de ouderenzorg ontraadde. In april 2020 vroeg een ambtenaar het RIVM die zin toe te voegen aan een OMT-advies. Hij zei dat er anders een "run" op mondkapjes zou komen. In een andere mail schreef een ambtenaar dat hij liever wil dat het OMT dit zegt dan dat het ministerie voor een "vertaalslag" moet zorgen. Op verzoek van VWS voegde het RIVM de zin toe aan het OMT-advies, én aan de RIVM-richtlijnen. Vooral dit laatste had een groot effect op de ouderenzorg, want de richtlijnen bepaalden tijdens corona hoeveel mondkapjes zorginstellingen kregen van het centrale verdeelpunt van de overheid. Tijdens de parlementaire enquête werd vorige maand topambtenaar van VWS Ernst van Koesveld verhoord. Daarin erkende hij degene te zijn die de bewuste zin had opgesteld. Volgens Van Koesveld was het OMT het eens met de strekking, en ging het slechts om een "verduidelijking". Uit vertrouwelijke notulen van een OMT-bijeenkomst blijkt juist dat er discussie was. Veel OMT'ers waren inderdaad tegen het uit voorzorg dragen van mondkapjes, maar een aantal was vóór. Afgesproken werd een middenweg uit te werken, maar daar zette de zin van VWS een streep door. Hoogleraar ouderenzorg Bianca Buurman, een van de betrokken OMT-leden, werd ook gehoord door de enquetecommissie. Zij bestempelt de gang van zaken nu als "politieke inmenging". 3. Waarom staat er zelfs in vertrouwelijke OMT-notulen een zin van een VWS-ambtenaar? Van Koesveld zei tijdens zijn verhoor ook nog iets anders opmerkelijks. Als OMT-leden het oneens waren met die zin over mondkapjes, hadden ze achteraf aan de bel kunnen trekken. Dat hadden ze niet gedaan. Maar dat was dan ook niet zo makkelijk. Want de zin werd niet alleen aan het OMT-advies toegevoegd, maar ook aan de vertrouwelijke notulen van de OMT-bijeenkomst zelf, zo toonde Nieuwsuur eerder aan. Daardoor was het voor OMT-leden achteraf moeilijk om te controleren wat er precies gezegd was en door wie. Het is opvallend dat de zin in de OMT-notulen terechtkwam, want die horen geheim te zijn voor het ministerie. 4. Waarom sprak De Jonge thuiszorgbaas Jos de Blok publiekelijk aan na lobby van ActiZ? In april 2020 kreeg De Jonge een verzoek van ActiZ-bestuurder Conny Helder. Zij maakte zich zorgen, omdat ouderenzorginstellingen afweken van de RIVM-richtlijnen en zélf mondmaskers voor hun personeel kochten. Een van hen was Jos de Blok van thuiszorgorganisatie Buurtzorg. De vraag van Helder aan de minister: kon hij tijdens zijn persconferentie De Blok misschien aanspreken op zijn gedrag? De Jonge geeft hier gehoor aan en zegt publiekelijk dat hij twijfelt aan het handelen van De Blok. "Ieder voor zich, zo werkt het echt niet", zei De Jonge. De Blok noemt die gang van zaken nu "schokkend en schandalig". Volgens hem hadden de woorden van De Jonge grote invloed op andere zorgbestuurders, die daardoor afzagen van preventief mondmaskergebruik.