Regeringspartij VVD dient vandaag een initiatiefwetsvoorstel in om religieuze uitingen bij bijzondere opsporingsambtenaren (boa's), zoals hoofddoekjes, landelijk te verbieden. In de Kamer is al jaren een ruime meerderheid voor zo'n verbod, maar het kwam er tot nu niet van. "Bij een uniform in een seculier land horen geen religieuze uitingen", zegt Kamerlid Martens-America in De Telegraaf. In sommige gemeenten, zoals Amsterdam, Tilburg en Den Haag, mogen boa's een hoofddoek, keppeltje of kruisje dragen. De VVD vindt dat onwenselijk en wil nu landelijke regels vastleggen in een wet. Dat was vorig jaar ook het advies van de Raad van State, die negatief oordeelde over een voorstel van het kabinet-Schoof om het verbod te regelen via een kabinetsbesluit, een zogeheten Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB). Een verbod op religieuze uitingen beperkt de grondwettelijke vrijheid van godsdienst, stelde de Raad van State. Zoiets ingrijpends kan alleen via een wetswijziging, zodat ook de Eerste en Tweede Kamer erover kunnen oordelen. Martens-America volgt met haar initiatief dat advies. Niets over in regeerakkoord De huidige coalitie van D66, VVD en D66 heeft in het regeerakkoord niets opgenomen over het uniform van boa's en een mogelijk verbod op religieuze uitingen. De partijen reageren dan ook verdeeld op het voorstel. D66 ziet er niets in. "Een uniform maakt iemand niet neutraal. Iemands handelen wel. Daarom zien wij geen aanleiding voor een landelijk verbod op religieuze uitingen voor boa's", laat een woordvoerder weten. CDA-Kamerlid Straatman zegt dat haar partij nog geen definitief standpunt heeft ingenomen over de initiatiefwet van de VVD, maar ze steunt het uitgangspunt van overal dezelfde regels. "Ik heb de minister eerder ook opgeroepen om snel met een wettelijke regeling te komen voor één landelijke, neutrale lijn." Partijen als de PVV, JA21, BBB, SGP, ChristenUnie en SP hebben in verleden ook al voorstellen gesteund om tot landelijke, neutrale regels te komen voor uniformen van boa's. Daarmee is er een meerderheid in de Tweede Kamer. Dat er in de Tweede Kamer een ruime meerderheid is voor een landelijk uniform zonder religieuze uitingen, wil niet zeggen dat er geen discussie over is. Op lokaal niveau vinden sommige gemeenteraden dat boa's met hoofddoekjes, keppeltjes of kruisjes juist bijdragen aan een inclusieve samenleving. Zij zijn ervan overtuigd dat handhavers wel degelijk hun functie onpartijdig kunnen uitoefenen, ook als ze zichtbaar religieuze symbolen dragen. Bovendien treft een verbod vooral islamitische vrouwen die een baan zoeken en het dragen van een hoofddoek als religieuze plicht zien. Dat was in 2022 ook het oordeel van het Nederlandse College voor de Rechten van de Mens. Dat instituut noemde een verbod "stigmatiserend en ineffectief". Het Europees Hof van Justitie vindt dat werkgevers religieuze uitingen wel mogen verbieden, maar dat ze moeten bewijzen dat een verbod echt noodzakelijk is voor een neutrale uitstraling. 'Lifestyle-neutraliteit' Gemeenten zijn vaak de werkgever van een boa en bepalen tot nu toe de regels over kleding. Er is wel een landelijke richtlijn 'lifestyle-neutraliteit' voor boa's, maar die is niet afdwingbaar en dus kunnen gemeenten ervan afwijken. De laatste jaren staan steeds meer gemeenten expliciet toe dat boa's onder voorwaarden religieuze uitingen dragen. Of daar ook vaak gebruik wordt gemaakt is niet duidelijk, cijfers ontbreken. Uit een rondgang van de NOS in 2024 bleek dat er in Arnhem, Utrecht en Tilburg niet of nauwelijks aanvragen voor waren ingediend.