Het kabinet is het vannacht na lange onderhandelingen eens geworden over een ingrijpend plan om de stikstofstuitstoot te verminderen. Dat melden bronnen aan de NOS. Een definitief akkoord moet er vandaag in de minsterraad gegeven worden. De grote lijnen van het pakket lekten vorige week al uit, de afgelopen week zijn daar nog wijzigingen in aangebracht. In eerste instantie wilde het kabinet rond twintig grote natuurgebieden, zoals de Veluwe en de Peel, zones van 1 kilometer maken waarin veel minder stikstof mag worden uitgestoten. In het definitieve plan zijn dat uiteindelijk vijftien zones geworden. Rondom 85 andere natuurgebieden komt een kleinere zone, van 500 meter. Voor veel boerenbedrijven in deze zones betekent het dat ze moeten verdwijnen, verhuizen of innoveren om minder stikstof uit te stoten. Het kabinet heeft er lang over nagedacht om ook een strengere norm voor grondgebonden veehouderij in deze zones in te voeren. Het gaat dan om het maximum aantal koeien per hectare dat op de grond gehouden mag worden. Uiteindelijk is er toch gekozen voor één landelijke norm. In plaats daarvan komen er in de zones rond natuurgebieden wel stevigere eisen voor de stikstofuitstoot. Vandaag stikstofplannen kabinet naar buiten Minister Van Essen (Landbouw) presenteert vandaag samen met minister Karremans (Infrastructuur) en staatssecretaris De Bat (Klimaat en Groene Groei) alle plannen om de stikstofneerslag in Nederland om laag te brengen. De verwachting is dat zij die om 15.00 uur presenteren. Er is ook lang gesproken over de 'stok achter de deur': hoe wordt ervoor gezorgd dat bedrijven de stikstofuitstoot echt omlaagbrengen? Het kabinet wil daarvoor een landelijke generieke korting invoeren. Dat ligt gevoelig: als de beloofde vermindering van stikstofuitstoot er niet komt, betekent dat in het uiterste geval dat alle bedrijven in Nederland minder koeien mogen houden. Er komt daarnaast een rekenkundige ondergrens voor de stikstofuitstoot per provincie. In de ene provincie zal die eerder ingevoerd kunnen worden dan andere, afhankelijk van hoe de staat van de natuur is. Het betekent dat provincies die het goed doen sneller van het 'stikstofslot' kunnen dan provincies die achterlopen op hun verplichtingen. Om de boeren tegemoet te komen, wordt de kritische depositiewaarde uit de wet gehaald. Dat is het mechanisme waarmee wordt bekeken hoeveel stikstofneerslag een natuurgebied aankan. Het kabinet moet dan wel op zoek naar een andere manier om het effect van de uitstoot op de staat van de natuur te meten. Landelijk moet de stikstofuitstoot in de landbouw met 42 tot 46 procent verlaagd worden ten opzichte van 2019, zo is afgesproken. Daarvan is de afgelopen jaren al 18 procent behaald, zo berekende de Algemene Rekenkamer deze week. Vooral in de kippen- en varkenssector is de uitstoot al verlaagd, rundveebedrijven bleven daar tot nu toe bij achter. Waarom zitten we op een stikstofslot? Nederland is volgens Europese afspraken verplicht om ruim 160 natuurgebieden te beschermen. Maar dat lukt niet, doordat de stikstofuitstoot hoog is. Daardoor verdwijnen planten, insecten en vogels. In 2015 werd een oplossing bedacht: het Programma Aanpak Stikstof (PAS). Bedrijven die stikstof wilden uitstoten, bijvoorbeeld om meer koeien te houden of een weg aan te leggen, kregen alvast toestemming om dat te doen. De compensatie voor de natuur zou later komen. Alleen werd die laatste belofte niet nagekomen want de stikstofneerslag bleef te hoog. De Raad van State zette daarom in 2019 een streep door de PAS-regeling, waardoor in één klap duizenden bedrijven illegaal werden. Ook vergunningen voor nieuwe projecten zijn sindsdien lastig te krijgen: rechters oordelen vaak dat daarvoor de stikstofuitstoot te hoog is. Nederland zit daardoor al jaren grotendeels op slot: bedrijven kunnen niet uitbreiden, woningen kunnen niet worden gebouwd en wegen kunnen niet worden aangelegd. Volgens verschillende schattingen loopt de schade voor de economie intussen in de miljarden tot tientallen miljarden per jaar.